www.dennisbosman.nl




    Liebherr LG1550 opbouwkraan (550 ton)


    Het is inmiddels alweer een oud model, maar hij staat al vanaf het begin op mijn website dus laat ik hem er ook op staan. Vergeleken met de huidige modellen is de fotokwaliteit wat minder, maar de kennis en kunde was indertijd op dat gebied ook wat minder en de techniek is er ook op vooruit gegaan.
    We praten over de tweede helft van de jaren '90, een periode waarin ik de nodige mobiele kranen gebouwd heb. Het moest allemaal groter en hoger en daar zocht ik de uitdaging in. Na acht maanden bouwen stond er dan ook wel wat. Het was gelijk ook de laatste die ik bouwde en de jaren daarna wilde ik me er totaal niet meer in verdiepen. Af en toe loop ik wel met ideeen rond, maar dan toch neem ik het (wijze) besluit om niet meer zoiets te bouwen, zeker niet zoiets absurd hoogs.


    Het begin

    Al een paar jaar had ik ideeën om een mobiele kraan te bouwen, maar het kwam er niet van. Het idee kreeg ik al in het voorjaar van 1996. Ik kocht een keer wat foto's van een Gottwald AK 850 van de fa. Schmidbauer Ik zag het al helemaal zitten, maar omdat er ook verschrikkelijk veel tijd in zo'n model gaat zitten, stelde ik het alsmaar uit. Begin 1998 hakte ik uiteindelijk de knoop door en besloot ik om een mobiele kraan te gaan bouwen.Ik kocht wederom wat foto's, ditmaal van de Liebherr LG1550. Ik had drie jaar eerder al een dergelijke kraan gebouwd, maar die deugde op bepaalde punten niet. Daarom besloot ik dezelfde kraan te bouwen, maar dan wel eentje waarvan zo veel mogelijk dingen echt kunnen werken. De kraan die ik drie jaar eerder bouwde was zo'n beetje van hetzelfde type, maar dan meer naar eigen inzicht gebouwd.
    De Liebherr LTM1800/LG1550 is een van de grootste mobiele kranen die er bestaat, met zijn hijscapaciteit van 800 ton en hoogte van 184 meter bij een hoofdgiek met daarop een hulphiek. Deze machine kan werken met twee soorten gieken: een opbouwgiek en een telescoopgiek. De telescoopgiek wordt ook gedemonteerd bij transport over de weg en wordt vervoerd op een vrachtwagen. Dit betekent dat de kraan binnen de limiet blijft voor wat betreft asdruk. In het geval van een telescoopgiek is het type LTM1800. Ik heb de opbouwversie gebouwd: de LG1550. Als deze kraan met complete uitrusting moet uitrukken zijn 22 trekker-semidieplader combinaties nodig om alle giekdelen en contragewichten te vervoeren.
    De LG1550 is op te bouwen in verschillende uitvoeringen, van een lichte giek voor het hijsen van niet al te zware lasten tot een zware uitrusting voor de zware lasten. De giekhoogte kan variëren van 21 meter tot een maximale hoogte van zo'n 184 meter. Mijn doelstelling was om de kraan te bouwen in de SDW-uitvoering, d.w.z. een hoofdgiek, hulpgiek en een derrickmast. De maximale hoogte moest zo'n vier meter worden.


    Het onderstel

    De onderwagen is het rijbare gedeelte van de kraan. Deze kraan telt acht assen waarvan er zes stuurbaar zijn. Twee assen worden aangedreven en de kraan kan ook echt rijden met behulp van een 12 volt motor (speelmotor). De verschillende stuurassen hebben een andere wieluitslag, zodat voorkomen wordt dat de wielen gaan wringen. De vier voorste stuurassen zijn aan elkaar gekoppeld. De twee laatste assen worden gestuurd door aan het reservewiel achterop te draaien.


    Cabine en versnellingsbak

    De cabine is voorzien van een echt interieur. De stoelen zijn verstelbaar en het stuurwiel draait echt mee wanneer je het voertuig stuurt. De versnellingsbak komt rechtstreek uit nr. 8880, de TECHNIC Super Car. Alleen heb ik de bak iets compacter gemaakt omdat de ruimte voorin beperkt is. Verder werkt hij net zoals in de Super Car, dus gewoon vier versnellingen vooruit en gesynchroniseerd.


    Het motorblok

    Boven de eerste twee stuurbare assen huist een echt werkende V12 motor. Het motorblok is gewoon de verlengde versie van die uit nr. 8880, ik heb er vier cilinders aangeplakt. Ik heb er gewoon een standaard blok ingezet omdat ik niet precies wist hoe die eruit ziet, foto's ervan zijn er nauwlijks en aangezien ik tijdens het bouwen van het onderstel meer prioriteiten stelde aan de stevigheid en stabiliteit, bouwde ik het motorblok ook meer naar eigen inzicht. De motor wordt aangedreven door een 9 volt motortje welke is aangesloten op de Barcode-Unit. Wanneer de kraan gaat rijden, draaien de cilinders mee. De snelheid van het draaien kun je bepalen door te schakelen met de versnellingsbak.


    Barcode

    Tijdens het bouwen van de onderwagen kwam ik op het idee om de auto een echt motorgeluid te geven. Een paar maanden daarvoor had ik de Barcode truck gekocht, nr. 8479. Vlak voor as 5 en vlak achter as 6 zitten de sensortjes. Wanneer de kraan vooruit gaat rijden komt er een polletje tegen de sensor. Om doordraaien van het motortje te voorkomen, heb ik aan het asje van het polletje een doordraaitandwiel bevestigd. Dit geldt ook voor het polletje op de achterste sensor. De Barcode unit heeft een plaats boven de assen 3 en 4, achter het motorblok.


    De draaikrans

    Een onderdeel van een kraan waar velen moeite mee hebben, is een elektrisch aangedreven draaikrans. Bij de meesten lukt het gewoon niet om zo'n zware kraan rond te laten draaien. Toen het grootste gedeelte van de kraan eind juni 1998 af was ging ik op een mooie zomerse dag de kraan eens testen. Ik had de giek af en ik was benieuwd of de kraan het hield. Toen bleek dus dat er nog het nodige aan veranderd moest worden waaronder ook de draaikrans. De kraan schokte namelijk nogal toen ik hem liet draaien. De aandrijving bestaat uit twee lagen. In de onderste laag verwisselde ik een paar tandwielen en de bovenste laag werd geheel vernieuwd. In de oude draaikrans zaten nog 48-tands tandwielen, welke ik plat had gelegd. De feitelijke draaikrans was verbonden met 8-tands tandwielen, zoals in de kraan van nr. 8094, de Multi Programmeerset. Dit voldeed niet helemaal en was tevens de oorzaak dat de kraan schokte tijdens het draaien. Bovendien brak er diverse keren zo'n klein tandwieltje. Dit loste ik op door wormwielen direct met de draaikrans te verbinden. Deze ingreep was een hele verbetering, de draaikrans schokt nauwelijks, zelfs niet bij een zware opbouw.


    Afstempelen

    Het afstempelen van de kraan gebeurt volautomatisch. Achter de draaikransaandrijving bevindt zich een compressor die wordt aangedreven door een 9 volt motortje. Deze compressor staat in verbinding met vier pneumatische schakelaars, welke ervoor dienen om de uithouders uit te klappen. Het is een soort schaarsysteem. De uithouders worden daarna uitgeschoven. In elke uithouder zit een 4,5 volt motortje. De voorste uithouders worden niet helemaal ingeschoven i.v.m. de afstand tussen de tweede en derde as, daarom was het mogelijk om voor deze uithouders een tandwielconstructie te gebruiken voor het uitschuiven. In de twee achterste uithouders zitten ook 4,5 volt motortjes, maar dan met een ronde vertragingskast. Doordat deze uithouders in zijn geheel worden ingeschoven, was de ruimte voor een aandrijving beperkt. Dit loste ik op door de motortjes in het draaipunt van de uithouders te bouwen, waardoor ze precies kunnen worden ingeschoven. De kraan wordt in een soort kruis afgestempeld. De afstempelbasis is 1,2 m x 1,2 m. De kraan wordt dusdanig afgestempeld dat de wielen van de grond komen. In de werkelijkheid is dit ook zo, dus wilde ik dat ook proberen en dat lukte uiteindelijk ook. E.e.a. was sterk genoeg om het geheel in balans te houden, al viel het niet echt mee om dat voor elkaar te krijgen.


    De afwerking

    Tot slot volgde de afwerking van de onderwagen. Er werden diverse dingen aangebracht, zoals buitenspiegels, breedtepalen, lengte- en breedtelichtjes, brandstoftanks, een reservewiel etc. Ik probeer een model altijd zo perfect mogelijk te detailleren, het moet altijd dicht bij de werkelijkheid komen. De decoraties werden in een later stadium aangebracht. De bouw van de onderwagen leverde niet al te veel problemen op. Het onderstel was vrij snel in elkaar gezet, het enige onderdeel daarvan wat problemen opleverde was het elektrisch laten rijden van de kraan. Een tweede punt waarin veel werk kwam te zitten was het uitklappen en laten uitschuiven van de uithouders. Ik heb verschillende constructies toegepast die allemaal niet voldeden. Uiteindelijk lukte dat toch en dat was ook de bedoeling. De draaikrans vergde geen enkel probleem, ook het veranderen van de aandrijving ervan was niet al te moeilijk. De bouw van de onderwagen vergde zo'n 70 uren.


    De bovenwagen

    De bovenwagen was het meest lastige, maar tevens interessantste stuk om te bouwen. De ruimte was beperkt, want er moesten negen elektromotortjes + aandrijvingen in geplaatst worden. Diverse keren heb ik de boel weer moeten afbreken omdat het niet klopte, of omdat er een aandrijving bij moest en er geen ruimte meer was.


    De aandrijvingen

    In de bovenwagen zitten negen motortjes, vier van 12 volt en vijf van 4,5 volt. Ze dienen voor:
    1. kabeltrommel 1: hijswerk (1 x 4,5 volt)
    2. kabeltrommel 2: hijswerk (1 x 4,5 volt)
    3. kabeltrommel 3: hoofdgiek of hulpgiek (2 x 12 volt)
    4. kabeltrommel 4: A-bok (2 x 12 volt)
    5. het uitzwenken van het kraancabinetje (4,5 volt)
    6. de lier voorop (4,5 volt)
    7. het laten draaien van het motorblok (4,5 volt)

    De aandrijvingen zijn vlak over elkaar heen gebouwd, veel ruimte is er niet meer over. Omdat het liertje voorop in principe niet gebruikt wordt, heb ik hiervoor een rechthoekige vertragingskast gebruikt. Die vertragingskasten zijn helemaal niet sterk, maar voor zulke doeleinden kan ik ze wel goed gebruiken. Voor het uitzwenken van het cabinetje heb ik ook een vertragingskast gebruikt, maar dan een ronde. De kabeltrommels worden allemaal apart aangedreven, de aandrijvingen liggen onder de trommels zelf. Voor de aandrijvingen heb ik gekozen voor de oude Technic motortjes van 4,5 volt en 12 volt. Dit heb ik gedaan omdat ze iets compacter zijn dan de 9 volt motortjes. Bovendien kun je de snoertjes aanpassen en kun je ze o.a. door Technic balken rijgen. De eerste twee trommels worden aangedreven door een 4,5 volt motortje. Dit is voldoende, want deze trommels dienen voor het hijsblok en aangezien de kraan toch niet al te veel kan hijsen hoeft er niets zwaars in te hangen. De twee andere trommels, voor het optoppen van de hoofdgiek en de derrickmast c.q. hulpgiek, worden elk aangedreven door twee 12 volt motortjes. Per trommel zijn de motortjes met een differentieel met elkaar verbonden, waardoor de aandrijving een stuk krachtiger is. Het ontwerpen van een goede aandrijving had nogal wat voeten in de aarde. Uiteraard lukt het nooit om in één keer een geschikte aandrijving te bouwen die krachtig genoeg is. De aandrijvingen passen er mooi in en het werken ook nog.


    Kabeltrommels

    Toen de aandrijvingen er in zaten, begon ik met het erin draaien van de touwen. Het zouden eigenlijk zwarte gevlochten koorden moeten worden, maar omdat die erg moeilijk te verkrijgen zijn, heb ik gekozen voor wit koord met een dikte van 2 mm. Doordat het vrij dik is, rolt het makkelijk en vlak op. Per trommel was ik vervolgens zo'n één uur bezig om het touw erin te draaien. In elke kabeltrommel zitten aluminium buisjes. Ik heb hiervoor gekozen, omdat deze vlak zijn en omdat de trommels dan sterker worden. Het touw wordt zo gelijkmatig opgerold. In totaal zit er zo'n 150 meter touw in de bovenwagen.
    De aansluitingen van de vier kabeltrommels bevinden zich aan de rechterkant van de draaikrans. In de bovenwagen lopen verscheidene snoeren naar de motortjes. Alle snoeren zijn op maat gemaakt. Het is echter niet mogelijk de bovenwagen van de onderwagen te scheiden. Het gevaarte, met een gewicht van 14 kg, moet nu in één stuk van de vliering naar beneden worden gedragen, op een vlizotrap....


    Kraancabine

    Het cabinetje wordt, zoals eerder gezegd, uitgezwenkt met behulp van een 4,5 volt motortje met vertragingskastje. Daarnaast kan het cabinetje achterover kantellen. Hiervoor heb ik gebruik gemaakt van twee kleine inbouw cilinders. Het nadeel van die kleine cilinders is wel dat ze minder sterk zijn.


    De A-bok

    De A-bok is grotendeels vervaardigd uit Technic balken met daarboven en onder twee lagen met platte stenen. Halverwege zit een dwarsbalk. De A-bok zorgt ervoor dat de hoofdgiek of derrickmast opgetopt kan worden. Wat mij zeer verbaasde is dat de A-bok tijdens het optoppen niet of nauwelijks doorbuigt.

    Voor de bovenwagen had ik zo'n 75 uur nodig. Sommige dingen, zoals de kabeltrommels, hebben later een modificatie ondergaan. Over de gehele boven- en onderwagen heb ik zo'n 165 á 170 uur gedaan. De decoraties zijn in een later stadium aangebracht. De logo's op beide portieren zijn m.b.v. de computer gemaakt. De belettering is gemaakt aan de hand van een stickervel uit een Kibri bouwdoos. Deze heb ik uitvergroot gekopieerd en met behulp van een scanner op transparante sheets geprint. Vervolgens heb ik de stroken met fotolijm op het model aangebracht. Fotolijm kun je nl. gemakkelijk weer verwijderen zonder dat er wat op de stenen achterblijft.


    De giekdelen

    Het bouwen van de giek is geen gemakkelijke opgave en zeker niet bij zo'n grote kraan. Mijn doelstelling was dat de kraan zo hoog mogelijk zou worden. Ik had bij LEGO heel erg veel Technic-balken en koppelpennen besteld om het geheel te kunnen bouwen. Een constructie had ik reeds verzonnen; het zou een dikkere giek worden dan de voorloper van deze kraan. Die giekconstructies waren tamelijk instabiel en zouden niet tegen deze gewichten opgewassen zijn. Na enkele berekeningen kwam ik op een maximale giekhoogte van zo'n slordige 3,5 meter. De giek zou dan bestaan uit een hoofdgiek van bijna twee meter met daarboven op een scharnierende hulpgiek.


    SD-uitvoering: schijfhoogte 2,25 meter

    In eerste instantie bouwde ik gewoon een hoofdgiek van 2,25 meter lang en een derrickmast met een lengte van 1,8 meter. Dit was niet al te moeilijk en toen dat af was ging ik de kraan testen in de achtertuin. Dat testen kostte ongelofelijk veel tijd, want eerst moest alles naar buiten en vervolgens moest het geheel in elkaar gezet worden. Voordat de giek overeind staat ben je toch al gauw twee uur verder. De giek kan in deze opstelling elektrisch worden opgetopt. Als eerste lift de A-bok de derrickmast elektrisch op, waarna de hoofdgiek volgt. Tot slot wordt het hijsblok er in gehangen. De kraan werkte perfect en ik testte het geheel. Draaien, op- en aftoppen, hijsen, het was allemaal geen probleem. Inmiddels was het half augustus en ik zou de kraan voor het eerst tentoonstellen tijdens een hobby- en creativiteitsfestival. De kraan stelde ik op zoals hiervoor omschreven. Alles ging goed totdat tegen het eind van de middag de kraan crashte! Gevolg: een enorme ravage, maar slechts enkele beschadigde onderdelen. LEGO is echt ongelofelijk duurzaam!! Achteraf had ik nog geluk gehad, want de kraan was niet een kwartslag gedraaid. Was dit wel het geval had ik echt een probleem. De oorzaak: door het vele draaien van de kraan schoof een Technic balk van een pennetje van de derrickmast. Het grote voordeel: alles was snel opgeruimd.


    SW-uitvoering: 3,6 meter schijfhoogte

    Anderhalve maand later volgde er weer een evenement waaraan ik deel zou nemen. Ik wilde de kraan nog verder uitbreiden en verder afbouwen (logo's en belettering ontbraken nog). Voordat dat evenement zou plaatsvinden ging ik experimenteren met de 3,6 meter hoge giek. De derrickmast werd omgebouwd tot hulpgiek. Half september was dat gerealiseerd en ging het hele spul weer naar de achtertuin. Ditmaal kostte me het aanzienlijk meer tijd om de kraan op te bouwen. Een scharnierende hulpgiek had ik nog nooit gebouwd en het was toch wel spannend of alles wel zou blijven staan. Ik werd werkelijk met stomheid geslagen. Na een aantal uren zwoegen stond de kraan overeind!

    Een probleem: het hijsblok was ik door al die inspanningen helemaal vergeten. Voordat de wind op zou komen schoot ik snel een paar foto's, want misschien zou dit het maximaal haalbare zijn. Maar achteraf bleek het toch wel link te zijn om de kraan in deze opstelling op een modelbouwshow te zetten. Als er ook maar iets fout gaat valt het ding in het publiek met alle gevolgen van dien. Ik besloot de derrickmast weer op te bouwen en de hoofdgiek met een halve meter te verlengen. Dat resulteerde in een 2,75 meter hoge kraan die nog moeiteloos kon draaien ook.


    Het maximaal haalbare: 4,2 meter

    Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan en ik had me in het begin ten doel gesteld een kraan te bouwen van minstens vier meter hoogte. Voor de foto's en een video-opname besloot ik toch dit doel te verwezenlijken. Ik kocht wat LEGO Technic dozen en bouwde weer een scharnierende hulpgiek. Omdat de zwarte balken op een gegeven moment op waren, maakte ik sommige secties wit en rood, dat zie je wel vaker bij kranen. Uiteindelijk zou de kraan 4,2 meter hoog moeten worden!! Daarvoor moesten we wel de meest geschikte dag uitzoeken om alles op te bouwen. Dat moest buiten gebeuren, want daar maak je gewoon de mooiste foto's. Ik had de kraan al eens in een lagere uitvoering in een loods opgebouwd, maar die foto's vielen nogal tegen. Op een zaterdag in november was het werkelijk windstil en de zon scheen zelfs nog. Een vrijwel perfecte dag om zoiets te testen! 's Morgens vroeg begon ik ermee. Omdat je zoiets niet alleen kunt, hielp m'n vader me bij het opbouwen. Maar alles was niet voor niets geweest: het lukte en alles bleeft heel. Tijdens het maken van de foto's ging het wel bijna een keer mis; er kwam een vlaagje wind opzetten en toen begon hij te schommelen. Er stond ongelofelijk veel kracht op alle tuidraden en de LEGO-stenen hadden het zwaar te voorduren. Nadat alles op de gevoelige plaat was vastgelegd braken we alles weer af. Bijgaande foto's zeggen verder genoeg.


    Hoe wordt zo'n kraan nu in werkelijkheid opgebouwd?

    Er gaat een hele tijd aan vooraf voordat een kraan aan een hijsklus kan beginnen. Voordat een kraan daadwerkelijk aan een hijsklus gaat beginnen wordt eerst berekent wat de beste positie is om de machine te plaatsen en hoeveel ballast en gieklengte er nodig is. Het opbouwen zelf neemt ook aardig wat tijd in beslag, wat ook geldt voor het LEGO-model. Met een normale hoofdgiek ben ik ongeveer een uur bezig om hem op te bouwen. In geval van een gieklengte van 4,2 meter kost het me 2 tot 2,5 uur.
    De machine arriveert op de hijsstek. De kraan is nu helemaal kaal en moet dus worden opgebouwd. Bij dit type zijn de uithouders al aan de kraan bevestigd. Alle andere componenten, zoals de giekdelen en ballastblokken, worden door vrachtwagens vervoerd. Dit is altijd het geval bij kranen van dit formaat.
    Vervolgens worden de uithouders uitgeklapt en worden ze uitgeschoven. De stempels zakken en de stempelbokken- en platen worden aangebout. Nu komen de wielen van de onderwagen van de grond. Er komt een dermate zwaar gewicht op de machine te drukken, dat de assen van de onderwagen dit niet kunnen dragen. De stempels en uithouders zijn sterk genoeg om het immense gewicht te kunnen torsen.
    De A-bok wordt in stelling gebracht en de bovenwagen wordt in dit geval een kwartslag gedraait alvorens de giek wordt aangebout. Dit hangt echter van de situatie af. Het is namelijk ook mogelijk om de giek aan de achterzijde aan de bovenwagen te bevestigen.
    Nu zijn de ballastblokken en de giekdelen aan de beurt. In de werkelijkheid zijn er andere kranen nodig die hierbij moeten assisteren. Mijn kraan wordt nu voorzien van '160 ton' ballast. De bovenwagen hoeft aan de achterzijde niet te worden ondersteund; de kraan kan in balans blijven staan, zelfs met een giek van 4,2 meter hoogte.
    Tot slot wordt de giek opgetopt. Tuidraden die de A-bok met de top van de giek verbinden zorgen ervoor dat de giek omhoog komt. Binnen elke minuten zorgen twee 12 volt motortjes ervoor dat de giek omhoog komt en in hijspositie staat. Uiteraard wordt tussendoor nog de hijshaak in de giek gehangen.


    Voorlopig de laatste mobiele kraan

    December 1998 toonde ik de kraan voor het laatst aan het publiek, gewoon met een 2,25 meter hoge giek en een derrickmast. Begin 1999 brak ik de kraan af. Voorlopig heb ik geen ambities om weer zo'n mobiele kraan te bouwen. Veel mensen vragen wanneer het weer zover is, maar ik moet ze teleurstellen. Sinds begin 1999 ben ik me weer volledig gaan toeleggen op het bouwen van vrachtwagens en de machines die ze vervoeren. Zo'n kraan komt heel misschien ooit wel weer een keer, maar wanneer? Dat kan nog wel heel lang gaan duren ....


    Overige gegevens

    Lengte onderwagen: 119 cm
    Breedte: 19,2 cm
    Hoogte: 26,7 cm
    Gieklengtes: SD: 2,25 m; SW: 3,6 m; SDW: 4,2 m
    Gewichten: onder- en bovenwagen: 14 kg; SDW-uitrusting: ca. 30 kg
    Bouwtijd: acht maanden
    Datum: april - december 1998


    terug

    "Be creative. Use your imagination!"
    Since 04-11-1999

    © Dennis Bosman, www.dennisbosman.nl

    |
    Niets mag worden overgenomen zonder toestemming van de auteur
    |

    Disclaimer